vrijdag 4 december 2009

Het is nu vrijdagmorgen 4 december en in een lokaaltje van de camping zet ik deze tekst even op een memorystick om straks onderweg in een Internet cafe te uploaden. Gisteren ben ik van Westport in het noordwesten van het zuidereiland gereden over de kustweg naar een heel klein plaatsje OKARITO. Hooguit 10 huizen, maar werkelijk mooi gelegen aan de oceaan met de besneeuwde bergen als achtergrond decor. Er is hier geen Internet en geen mobiel.
Het echte mooie van de natuur hier is de grote diversiteit als gevolg van het milde klimaat en het feit, dat er echt maar heel weinig mensen wonen, die als ze dat zouden willen, de natuur bederven. Ik denk even terug in de geschiedenis van NZ: tot eind 1700 wist bijna niemand, dat hier deze eilanden lagen. Het dichtsbijzijnde andere land is Australie, maar dat is altijd nog 2 tot 3000 km verder weg. Er woonden hier een aantal groepjes mensen, die gezien hun uiterlijk waarschijnlijk ooit eens vanaf Hawai deze kant op waren komen drijven. Ze leefden van datgene, dat het land hen bood en stookten in grote pot ten walvissen vanwege de levertraan (voor de latere productie van Sanostol, waarvan de rest van de wereld iedere avond een eetlepel innam). Toen kwam er ineens een engelse meneer (Thomas Cook) die hier uit wilde proberen of je de door hem uitgevonden travellercheques hier kon inwisselen. Hij deed aardig tegen de plaatselijke walvisstokers en vestigde een aantal nederzettingen. Het water tussen het noorder- en zuidereiland is naar hem genoemd: De Cookstraat. Die nederzettingen begonnen pas wat te groeien vanaf ongeveer 1860, maar dat ging heel erg langzaam, gewoon omdat deze eilanden ver weg waren van de bewoonde wereld en slecht te bereiken waren. De eerste “OVERKANTERS” waren voornamelijk engelsen. De huidige veelal houten huizen zijn gebouwd tussen 1860 en 1930 en zijn dikwijls familiebezit gebleven. De oorspronkelijke bewoners worden (politiek gezien) op handen gedragen en heten nu Maori’s. Ze werken nauwelijks en houden zich vooral bezig met het amuseren van de touristen. Ze hebben heel veel privileges, mogen gratis studeren, krijgen allemaal een vaste uitkering en zijn op en top beschermd tegen alle ongemakken van het moderne leven, dit soms tot ergernis van de latere immigranten. Het immigratiebeleid is ook heel erg streng, maar later zal ik dat nader toelichten.
Hierbij nog wat foto’s die ik gisteren langs de kust gemaakt heb. Echt heel erg mooi en gewoon hartstikke rustig ondanks het hoogseizoen.
Tot gauw, Jan

Dat gauw komt nu op vrijdagavond. Onderweg werkelijk niets tegengekomen behalve wat toeristen in campers. Nu, het is inmiddels half acht in de avond, zit ik op een camping in het plaatsje HAAST, nog iets zuidelijker dan gisteren.
Als je hier zomaar iemand tegenkomt en een babbeltje wilt maken, begin je niet zoals in Nederland over het weer te praten. Dat is hier eigenlijk altijd goed behoudens de noodzakelijke regenbuien. De eerste vraag die je hier aan iemand stelt is: Where do you come from (Waar kom jij vandaan?). Best logisch want iedere niet Maori komt van oorsprong uit een ander land. Dat geeft je dus stof tot gesprek en al gauw kom je terecht bij hun vader of grootvader, die ooit hierheen geƫmigreerd is. De meeste mensen komen uit Engeland, Australie, of een van de andere engelse nederzettingen zoals uit Schotland of uit Wales, maar ook heel dikwijls uit Nederland. Hun reden is dikwijls het feit, dat ze het in eigen land niet hebben kunnen maken en ze hier hun geluk zijn gaan beproeven. Overigens meer dan de helft van de immigranten zijn na vier jaar weer verdwenen. Deze mix van herkomst zorgt voor een maatschappij met veel boeiende verschillen en onderlinge discriminatie komt nauwelijks voor omdat iedereen elkaar gewoon nodig heeft. Kunnen wij nog weleens een voorbeeld aan nemen.
Morgen ga ik van de kust af, omdat er geen weg meer loopt langs de kust vanaf deze plaats. Hier komt de natuur dan rechtstreeks in de oceaan uit met vele fjorden die hier sounds heten. Dinsdag hoop ik een van die fjorden vanuit het binnenland te gaan bezoeken….als alles meezit tenminste.

Een van de foto’s laat de kust zien; de andere is in een regenwoud genomen (hier valt 7,5 meter neerslag per jaar, 10 x zoveel als in Nederland, de derde foto is zonsondergang tegen de bergen vanaf het strand met platgeslepen stenen gezien.

Voor het zover is hoop ik nog wat te schrijven. Tot gauw, Jan

Geen opmerkingen: